maandag 19 augustus 2013

Het is pruimentijd

Pruimenbomen worden in Europa al heel lang gekweekt in veel verschillende variëteiten, waarvan de vruchten verschillen van grootte en kleur.
Pruimen zijn zacht en sappig, de smaak is zoet-zuur, je eet ze zowel vers als gedroogd. De thermische werking van het fruit is koelend.  Ze bevatten natuurlijke suikers, fruitzuren, vezels en de nodige vitamines en mineralen. Ook zijn ze een goede bron van anti-oxidanten. De glycemische index van pruimen is laag. Dit betekent dat ze geen grote schommelingen in de bloedsuikerspiegel veroorzaken.
Pruimen zijn bevochtigend, koortswerend, laxerend en maagversterkend.  Constipatie is heel makkelijk op te heffen met pruimen, vooral constipatie die het gevolg is van hitte en droogte in het lichaam.  Verschillende bronnen beweren dat gedroogde pruimen werken tegen osteoporose, botafbraak. De stoffen die hiervoor verantwoordelijk zouden zijn, zijn boron en kalium.  Pruimen worden gebruikt in talloze gerechten, zoals gebak, vruchtensaus, jam en wijn. Turkse brandwijn, raki wordt gemaakt van pruimen en vijgen. Uit de pitten wordt olie gewonnen.
In de Chinese kruidengeneeskunde wordt de pitten ook gebruikt om de darmen te bevochtigen en de stoelgang te bevorderen. Bensky schrijft dat men het in Zuid-China in de volksgeneeskunde toepaste bij hardnekkige slapeloosheid na een ingrijpende, angstige gebeurtenis.  In de Chinese geneeskunde kennen we de uitdrukking plum-pit-Qi.  De westerse geneeskunde noemt dit  globus hystericus, het gevoel alsof er een brok in je keel zit.  Dit wordt veroorzaakt door een blokkade in de lever-meridiaan.
Pruimenboom