woensdag 29 januari 2014

Chinees Nieuwjaar – legende over het onstaan van de Chinese Dierenriem

Legende over het ontstaan van
de Chinese Dierenriem
De Chinese kalender heeft een cyclus van 12 jaar, waarbij elk jaar wordt vertegenwoordigt door een ander dier.
Er zijn verschillende legendes over het ontstaan van de Chinese dierenriem. Dit is er één van.

Heel lang geleden bestonden er nog geen manieren om de tijd te meten. De Gele Keizer, HuangDi, organiseerde een wedstrijd. Hij nodigde daartoe op zijn verjaardag alle dieren uit om deel te nemen aan een race. De eerste 12 dieren die de rivier overstaken en de kust aan de overkant bereikten werden toegewezen aan de 12 jaren.
De Kat en de Rat, die ooit goede vrienden waren, maar belabberde zwemmers, haalden de Os over om hen de rivier over te dragen. Naïef en goedgelovig als hij was, stemde de Os hiermee in. Terwijl ze zo de rivier overstaken, werd de Rat bezorgd dat de Kat de wedstrijd wel eens zou kunnen winnen. Hij duwde de Kat daarom overboord. Dit verklaart waarom katten nu nog steeds een hartgrondige hekel hebben aan ratten;  na al die jaren hebben ze de Rat deze nare streek nooit kunnen vergeven. Net toen de Os aan land wilde kruipen, sprong de Rat van zijn rug en stond aan kop in de race.

De Gele Keizer had nog maar net de Os benoemd als winnaar van de tweede plaats, toen de Tijger buiten adem de finish bereikte.  Hijgend vertelde de Tijger hoeveel moeite het had gekost om de rivier over te steken. De stroom van de rivier had hem steeds de andere kant uitgedreven, maar door zijn enorme kracht was het toch gelukt de rivier over te steken.

In de verte hoorde de menigte een bonkend geluid. Met roze neus op en neer bewegend, vertelde het Konijn het publiek hoe hij van steen tot steen had moeten springen om aan de overkant te komen. Gelukkig kan hij zich aan het einde vastklampen aan een stuk drijfhout, waarmee hij op de oever aanspoelde. Het 4e jaar wordt sindsdien bestempeld als het jaar van het Konijn.

Op de vijfde plaats eindigde de Draak, die vuurspuwend kwam aanvliegen. De keizer was erg nieuwsgierig waarom de Draak zo laat kwam, terwijl hij toch kon zwemmen en vliegen. De machtige Draak had het niet kunnen verdragen dat de mensen en alle andere wezens op aarde zo’n last hadden van de droogte, hij moest onderweg wel stoppen, om regen te maken. Toen hij de rivier bereikte zag hij een hulpeloos klein konijn, met zijn poten om een boomstam geklemd. Hij blies het hout met het konijn richting de oever.


Terwijl de Keizer de Draak complimenteerde om zijn zorgzaamheid, hoorde hij het Paard hinneken en galloperen. Uit een van zijn hoeven kroop een glibberige slang. De plotselinge verschijning en het gesis van de Slang, maakten dat het Paard van de schrik achteruit sprong. De Slang kroop snel voor en won de 6e plaats.

Hierna naderden het Schaap, de Aap en de Haan. De Haan schepte op hoe hij een vlot had ontdekt en daarmee het Schaap en de Aap had opgepikt. Onderweg hadden de Aap en het Schaap geholpen om het vlot naar de oever te trekken en te duwen. Ook hadden ze het wier uit de weg gehaald. De keizer vond dit een knap staaltje samenwerking en dankte hen door het 8e, 9e en 10e jaar naar deze dieren te noemen.

 Het was nog maar net officieel bekend gemaakt, en daar verscheen de Hond. Hoe was het mogelijk dat hij, toch één van de beste zwemmers, zo laat was? Het bleek dat de Hond al heel lang geen bad had genomen. Het rivierwater was zo heerlijk schoon en fris dat hij er lekker lang van had genoten. Zo werd de Hond het 11e teken van de dierenriem.

De Keizer wilde net afscheid nemen van het publiek toen hij geknor en geroep hoorde van een klein biggetje die over het pad waadde. Misschien overbodig om uit te leggen, maar het Varken had onderweg honger gekregen en hij was halverwege de race gestopt voor een smulpartij. Hierna voelde hij zich moe en maakte een dutje. Hiermee werd het Varken nummer 12 en het laatste dier van de cylcus.