zondag 5 december 2010

BuMing - het voeden van de bestemming, deel 1

Door: Erwin van Putten

Sinds september 2010 volg ik een nieuwe cursus, BuMing, het voeden van de bestemming. In deze cursus worden verschillende aspecten van de Chinese geneeskunde belicht. Voor een ieder die geïnteresseerd is in de achtergronden van de Traditional Chinese Medicine (hierna afgekort TCM) wil ik in een aantal artikelen verslag doen van de cursus en deze boeiende materie.

BuMing, het voeden van de bestemming, is het zoeken naar je talenten, het vinden van jezelf. Hoe kan je daar optimaal gebruik van maken? Wat zijn je remmingen en hoe kun je die overwinnen? In de cursus wordt op een taoïstische/chineesgeneeskundige manier gekeken naar deze levensvraagstukken. In Taoïstische traditie is daarbij van belang dat de psyche maar ook de conditie van het lichaam van invloed is, daar lichaam en geest identiek zijn.

De cursus wordt gegeven door Jan Schroën. Degene bij wie ik in 1996 mijn acupunctuur opleiding ben begonnen. Jan kon toen al boeiend over de materie spreken. Zijn lessen gingen altijd iets verder dan alleen zuiver kennis van de acupunctuur en de TCM.
Mij wordt door cliënten vaak gevraagd: “Heb je van een Chinees les gehad?’ Voor de goede orde; Jan Schroën is een Limburger, die zijn opleiding in China heeft genoten.
Dit gegeven is van belang daar het Jan zelf is die aangeeft dat wij ”Nederlanders” nooit Chinezen zullen worden. Er zal altijd verschil bestaan tussen een chinese en een westerse therapeut. Dat betekent niet dat de een beter is dan de ander. Het verschil zit ‘m in een andere opvoeding en opgroeien in een andere cultuur. Elk heeft zijn voor- en nadelen.
Jan heeft zelf 9 maanden in een Taoïstisch klooster verbleven. Deze ervaring komt ook in zijn lessen terug.

Voor een goed begrip van de chinese geneeskunde is het handig om iets over de ontstaansgeschiedenis te weten.
Allereerst is er het idee dat alles wat om ons heen bestaat uit het niets is ontstaan. Een toestand die we Wu-Ji noemen. Uit dat gegeven zijn Yin en Yang ontstaan (het begin van leven). Hieruit ontstaan Qi, bloed, vloeistoffen etc., de ‘Essentiële Substanties’. Deze filosofie is de basis van het Chinese denken in de geneeskunde. Veel van die theorie heeft een basis in het Taoïsme (Daoïsme).

YinYang teken
Vers 42 uit de ‘de Tao Te Jing’ zegt hierover;

Tao veroorzaakt het ene.

Het ene veroorzaakt de twee.

De twee veroorzaakt de drie.

De drie veroorzaakt de tienduizend dingen.

Alle dingen dragen yin op de rug en yang in de armen.

   En aan het evenwicht van deze twee ontlenen ze hun kracht.

Verder is van belang om te weten dat de chinese geneeskunde bestaat uit acupunctuur, kruidengeneeskunde, voedingsleer, taichi/chikung, tuina, de kunst (in de vorm van kalligrafie of bonsai). Al deze vormen van de chinese geneeskunde proberen op de een of ander wijze de Qi en het Bloed te manipuleren, zodat ze beter gaan stromen of kunnen vermeerderen in kwaliteit of hoeveelheid. De theoretische principes zijn dus van toepassing op alle vormen van geneeskunde. De acupunctuur probeert Qi en bloed te stimuleren van buiten af door middel van naalden op specifieke (acupunctuur)punten op het lichaam te zetten. De kruiden doen dat door Qi en bloed van binnen uit te bewerken. De taichi/chikung zijn oefeningen die de beoefenaar stimuleert in de circulatie en het aanmaken van de essentiële substanties. Voeding vormt de basis in het leveren van bouwstoffen voor de essentiële substanties. De kunsten zijn nodig om een beter begrip van Qi, etc te krijgen. Tuina is het stimuleren van Qi en bloed via strijken, drukken, manipuleren van meridianen, acupunctuurpunten, lichaamszones etc.

Ook is het belangrijk dat in de Chinese filosofie, lichaam en geest identiek zijn. Ze hebben namelijk dezelfde basis Qi.